Wereldwijd staan de oliemarkten op scherp, nu de aanvallen van Israël en de Verenigde Staten op Iran in volle hevigheid woeden. We zagen de olieprijzen al stijgen, nog voor er sprake was van verstoringen in de aanvoer. Oliehandelaren hielden al meteen rekening met de mogelijkheid dat de Straat van Hormuz geblokkeerd zou worden.
Ongeveer een vijfde van de wereldwijd verhandelde olie passeert de smalle waterweg tussen Iran in het noorden en Oman en de Verenigde Arabische Emiraten in het zuiden. Ondertussen is een olietanker gebombardeerd en is het scheepvaartverkeer zo goed als volledig tot stilstand gekomen. Maar voor de wereldwijde energiemarkten deed de dreiging van een onderbreking alleen al de prijzen stijgen.
Olie is een apart verhaal. De controle over deze erg energierijke brandstof bepaalt de geopolitiek. Driekwart van de wereldbevolking woont in landen die afhankelijk zijn van olie-import. Het beheersen van de olie- en, in toenemende mate, ook gasstromen wordt al lange tijd als drukmiddel gebruikt, van de oliecrisissen in de jaren 1970 tot de Russische stopzetting van de gasleveringen aan Europa in 2022.
Elke serieuze verstoring van het tankerverkeer in de Golf stuurt schokgolven door de wereldwijde oliemarkten en bedreigt de economische stabiliteit. Ook in Australië zijn er bijvoorbeeld al lange files waargenomen, omdat automobilisten proberen te tanken voordat de prijzen stijgen.
Maar naarmate de internationale spanningen toenemen, zien we dat landen van Cuba tot Oekraïne en Ethiopië hun plannen versnellen om de afhankelijkheid van olie te verminderen en hun energiezekerheid te versterken.
Hussein Dia, IPS, 5 maart 2026
Bron: de Wereldmorgen